vrijdag 28 maart 2008

Hoofdstuk ACHT


Dicht bij elkaar liepen ze de grote trap op die naar de toegangsdeur van het kasteel leidde. De grote zware eiken deuren, met het ijzeren beslag dook dreigend voor hen op. De rechterdeur stond op een kier. Thomas duwde de deur een beetje verder open, de deur bewoog krakend en met een snerpend geluid week de deur zodat zij naar binnen konden, een voor een, achter elkaar als ganzen in de pas, schuifelden ze naar binnen. Er vloog iets langs hun hoofd, een vleermuis misschien. Toen stonden ze naast elkaar in de grote hal van het kasteel.

Hoofdstuk ZEVEN



De kinderen doken in elkaar van schrik. Eén jongen keek om. Hij zag nog net zijn tent geplet worden door een vallende tak. Doorlopen maar. Tanden op elkaar! Een meisje met de naam Alaïs riep: "Hou maar op Dragondo! Jij wint!" Dit werd beantwoord met een krijsend gelach.
Snel holden de kinderen naar de ingang.
Een bordje: REGELS.
1. Niet hollen op de gang
2. Niet fluisteren in gezelschap
3. Geen toegang voor kinderen van 14.... …..
Zo volgde er een hele waslijst van regels. De een nog vreemder en onzinniger dan de ander.

donderdag 27 maart 2008

Hoofdstuk ZES


Klappertandend en bibberend van kou en angst besloten de zes kampeerdertjes schoorvoetend om naar het kasteel te gaan en een droge plek op te zoeken, beschutting tegen regen en wind, maar ook tegen het onweer dat inmiddels in alle hevigheid was losgebarsten. Het vuur was uitgegaan, overal was het aardedonker, de zaklampen waren natgeregend en gaven nog maar een schril straaltje licht. Overal om hen heen lagen de afgebroken takken. Langzaam en schoorvoetend liepen de zes naar het kasteel. De wind loeide steeds harder, het onweer verlichtte de lucht in een kleurenspel van paars, zwart grijs, blauw, oranje en even later was het weer aardedonker.
Een treiterende stem begon plotseling repeterend te roepen: "de regels vergeten" ; "de regels vergeten" ; "de regels vergeten" ; "de regels vergeten", in een aanzwellend volume. Het zestal werd lijkbleek, ze waren de regels vergeten, waren ze de regels wel vergeten? Wat waren de regels, waar ging het over?? Waar bleef Dragondo nou toch? Wat gebeurde er???

Hoofdstuk VIJF

Het was op een herfstachtige nazomeravond, de zomervakantie was nog niet ten einde, maar door het weer leek het alsof de warme dag en de vochtige regen met elkaar in botsing zouden komen in een hemelbrekend onweer. Het zestal zat bij een kampvuurtje dat flikkerde en vonkenspattend, grillige figuren maakte in de avondzon. Er stak een briesje op, en het zestal kroop wat dichter bij elkaar. Stilzwijgend aten ze hun macaroni op. Plotseling schrokken ze op door een ijselijke schreeuw, die rochelend overging in een oorverdovend gebrul, die weer eindigde in een soort triomfantelijk gekrijs. Toen was het stil ..... op het waaien van de wind na, de wind zwol aan in kracht en takken braken af en waaiden door de lucht. Het zestal moest uitkijken en bukken om niet geraakt te worden.
Waar bleef hij toch? Dragondo zou alleen marshmallows halen en direct terug komen. Het was nu al een half uur geleden dat hij naar binnen gegaan was. De wind loeide naargeestig en achter hen hoorden ze de bomen kreunen. Toen de hemel intens werd verlicht door een lichtflits, werd het de kampeerders teveel. Ze kropen nog iets verder onder hun dekens. Ze moesten kiezen, hier blijven en nat regenen, of dat enge huis binnen...

woensdag 26 maart 2008

Film - Het nieuwsgierig aapje


Het nieuwsgierig aapje.
Deze film is een lievelingsfilm van mijn lieve kleindochter van inmiddels 22 maanden (maart 2008 is het nu). Zie favoriet beeldmateriaal.
Daarom heb ik de omschrijving opgezocht en hieronder geplaatst:

Tekenfilm naar de kinderboeken over een nieuwsgierige aap die allerlei streken uithaalt zodra de Man met de Gele Hoed hem uit het oog verliest.

Plot
Het aapje George is een van de meest nieuwsgierige en ontdeugende dieren uit de jungle. Op een dag krijgt hij bezoek van de Man met de Gele Hoed. George is altijd in voor een avontuur, en hij reist de man helemaal achterna naar het verre Amerika, om hem zijn hoed terug te geven. In de grote stad valt er genoeg voor George te beleven, maar zijn nieuwsgierigheid brengen hem en zijn nieuwe baasje vaak in de problemen.

Plus
De Amerikaanse tekenfilm 'Curious George', in Nederland uitgebracht als 'Nieuwsgierig aapje', is gebaseerd op een reeks kinderboeken van H.A. Rey die al meer dan 65 jaar oud zijn. Deze bioscoopfilm laat zien hoe het nieuwsgierige aapje en de Man met de Gele Hoed bij elkaar zijn gekomen. De stemmen in de originele versie komen onder meer van Will Ferrell ('Elf') en Drew Barrymore ('Charlie's Angels').

Alphagolven


Alphagolven (groen) treden in de regel op tijdens een ontspannen toestand waarbij iemand zich kalm en evenwichtig voelt. Alphagolven vormen een brug tussen het bewuste en onbewuste.
In de ontspannen alphasfeer neemt men makkelijker informatie op, terwijl de toegang tot het geheugen verbetert.

Zijn er vijf niet alledaagse redenen te noemen om te zwemmen?

1. Je voelt je er beter door. Alphagolven treden op.
Zwemmen verhoogt prethormonen zoals:
• Dopamine
• Norepinefrine
• Serotonine
2. De warmte die er door vrij komt, werkt net zo ontspannend als een hete douche.
3. Bewegen in water verhoogt de alphagolven in de hersenen wat ontspannend werkt.
4. Er komen endorfinen vrij die kalmerend werken, ook op de eetlust.
5. De spieren gaan efficiënter werken onder invloed van norepinefrine en epinefrine. Dat betekent betere vetverbranding en een snellere stofwisseling. Bewegen in water is dus ook een uitstekend "aquaslank" product.

*

Hoofdstuk VIER



De beheerder van het zwarte kasteel was niet wijlen de graaf, die woonde er toendertijd alleen maar en genoot van de angstige mensen om hem heen. Zijn geest dook op onverwachte momenten op de meest ongelegen gelegenheden uit een donkere hoek uit het niets en joeg de gasten de stuipen op het lijf. De graaf had vreemde handen, op de rug van zijn handen leek de huid zwart geschubd, zijn nagels waren lang en spits en zwart, zijn ogen waren als van een krokodil, ..... of was het meer als van een draak? Zijn grijze haren gloeiden als verbrande kooltjes. Zijn lach was krijsend, en hij lachte vaak.
De beheerder was een gemoedelijke dikke kalende man. Hij heette Dragondo Sovtski. Het was vreemd dat Dragondo geen last had van de vreemde gebeurtenissen in het zwarte kasteel.
Dragondo was een man die heel erg van lezen hield. Vooral van griezelverhalen. Hij hield ook erg van kinderen. Eén keer per jaar in de zomer nodigde hij de kinderen van het dorp uit om te kamperen in de kasteeltuin. Dan vertelde hij verhalen. Hij zei altijd dat hij ze zelf bedacht. Zijn inspiratie kwam van het huis en van de graaf.
De kinderen waren altijd erg onder de indruk, maar hun ouders kenden de geruchten over de Regels, dus hun ouders verboden hun te gaan.
Elk jaar kwamen er minder kinderen kamperen. Een vast kliekje van ongeveer 6 kinderen wist elk jaar een smoes te verzinnen en ging stiekem toch.

dinsdag 25 maart 2008

Hoofdstuk DRIE


Ondanks deze gruwelijke en sadistische praktijken van de graaf werd het kasteel geëxploiteerd als restaurant en zalenaccommodatie. Regelmatig werden er dus grote feesten gehouden en van heinde en verre kwamen de gasten, enerzijds uit nieuwsgierigheid en anderzijds omdat zij wel eens iets spannends en engs wilden meemaken. Maar tot nu toe was er nog steeds niet veel gebeurd, wel hoorde ze kettingen rammelen uit diepe spelonken in het kasteel, en de ondergrondse rivier kon je horen bruisen en stromen alsof er een kokende waterval onder doorliep. Soms rond middernacht hoorden de gasten een oorverdovend rochelend geluid en een vreselijk hard griezelig lachen. Vaker nog hoorden de gasten het keiharde grommen en brullen van een onbekend monster, niemand had het ooit gezien, alleen de geluiden hadden de meeste mensen wel gehoord. Hoewel de kinderen nog nooit ook maar iets hadden gehoord.
Er is een bruidspaar geweest dat na de ceremonie er stilletjes naar boven in het kasteel was geglipt. Ze wilden de meute even ontwijken en wat tijd voor zichzelf hebben.
Na een half uur gingen een aantal mensen op zoek naar het paar. Ze werden in shock teruggevonden, met haar dat spontaan grijs geworden was van angst.
Deze mensen hebben nooit meer een zinnig woord kunnen uitbrengen. Bij het zien van het kasteel, gingen ze heel hard krijsen en gillen. Tot de dag van vandaag weet niemand wat er is gebeurd.

Hoofdstuk TWEE “De regels”


De omgeving daarentegen was des te lieflijker. Het kasteel was gelegen aan een meer, met in de omtrek niks dan een glooiend heuvellandschap. In de wijde omtrek zag je groen en bloemen en was het heerlijk wandelen in de zon. De kinderen uit het dichtbijgelegen dorp, maakten het er een sport van om elkaar uit te dagen het kasteel binnen te gaan. Op de enkele keren na dat er rijke landheren en dames een feest organiseerden, was het niet door mensen bewoond. De kinderen hadden zomervakantie en speelden in het bos en op de heuvels van het terrein dat het zwarte kasteel omringde. Ze kwamen soms dichterbij en tegen dat het avond was, gingen ze toch weer naar huis, zonder dat er iets gebeurd was of dat een van de kinderen binnen de hekken van de kasteeltuin was geweest. Van een afstandje hadden de kinderen wel gezien dat het bord weer verdwenen was. Het hele dorp was nieuwsgierig wat er op het bord stond, omdat de tekst steeds weer wijzigde. Meestal stonden er geboden en verboden op geschreven, hoe het kasteel betreden moet worden en onderhouden moet worden. De regels leken afkomstig van de slechte graaf Infernoluci, die daar eeuwen geleden gewoond en geleefd had, en die op mysterieuze wijze verdwenen was. Soms kon je zijn geschreeuw nog horen, zo leek het. Deze graaf stond bekend om zijn wreedheid. Zijn bedienden schold hij uit, en voor zijn plezier schoot hij jonge vogeltjes uit nestjes in de kasteeltuin.Met kerst nodigde hij arme kinderen uit. Hij liet ze toekijken hoe hij schransde, en gooide de afgekloven botjes naar de kinderen.

Hoofdstuk EEN van het spannende verhaal “De regels”


In een ruïneachtig zwart kasteel, op een berg, omgeven door mist gaat het verhaal dat in de wandelgangen boven in het kasteel, op de zolder, een monster huist, die, indien je je niet aan de regels van het kasteel houdt, je onverwacht bespringt. Waarschijnlijk in opdracht van de graaf van het zwarte kasteel. Iedereen in de wijde omtrek heeft enorm ontzag voor dit gebouw. Ondanks haar reputatie, is het kasteel een geliefde locatie voor feesten. Bij de ingang hangt een bord. Dit bord hangt hier al zo lang men zich kan herinneren. Meer dan eens is dit bord door mensen weggehaald. Maar als er weer iemand kwam, hing het er weer.Zodra je het kasteel naderde leek het of het in de mist als een dreigende berg zwarte stenen met diepe geluiden van kerkers en instortende muren, voor je opdoemde. Automatisch zou je langzamer gaan lopen, uit eerbied, of was het angst.

"De Regels" - door Renée en Sonja

We schrijven 2006.
Mijn zeer gewaardeerde en lieve collega Renée van toen, en ik zijn een keer samen een verhaaltje gaan schrijven, ieder schreef telkens een stukje. Om en om.
Technisch zal het dus niet zo ontzettend super in elkaar zitten, maar als je er iets over wil zeggen, schroom dan niet en schrijf!!!
Renée kan je ook in mijn digitale vriendenboekje de bijenkorf vinden (hyves), zie link.
Ik zal steeds een hoofdstuk plaatsen. Veel leesplezier.

maandag 24 maart 2008

Een gordiaanse knoop


Wat gebeurt er allemaal? Dat is wat ik me vaak afvraag. Waarom gaan de dingen zoals ze gaan? Hoe kan dat nou, dat ik niet meer invloed heb op de dingen die mij aangaan? Ik bedoel niet dat ik anderen wil veranderen, (hooguit misschien mijzelf een beetje), en dat betekent ook niet dat ik mensen hun eigenheid wil afpakken, maar dat ik in de communicatie zou willen en willen proberen, om meer te begrijpen, van elkaar en ik van de anderen.
Het leven is voor mij soms een groot vraagteken……

Eigenlijk ben ik al jaren met dit vraagstuk aan mezelf bezig. En als ik onder de douche sta, heb ik vaak alle antwoorden. Maar zodra ik me weer heb afgedroogd en aangekleed, komen de twijfels en de vraagtekens allemaal weer terug.
Ik heb op het gymnasium gezeten. Ik wilde wel arts of psycholoog worden. Ik zit niet meer op het gymnasium, ik heb het niet afgemaakt. Maar ik zou nog steeds wel psycholoog willen worden.
Ik weet alleen niet meer zo goed waarom. Dat is ook een vraagteken. En ik ga mijn vraagtekens maar weer eens oplossen, ik ga mijn levensvraagstukken uitpluizen, ontrafelen, ontknopen. Het is voor mij als een Gordiaanse knoop. Maar ik ga hem niet doorhakken, ik ga hem echt ontwarren. Een kloek besluit, maar met weloverwogen handelingen .............

Gordias
Gordias volgens de sage een Phrygische boer, op wiens ploeg een adelaar neerstreek, een teken dat hij eens koning zou zijn. Later wees een orakel hem inderdaad als koning aan en Gordias werd de legendarische stichter van Gordium. Van zijn strijdwagen was de dissel vastgemaakt met een band van kornoeljebast in een kunstig gevlochten knoop. Volgens het orakel kon slechts een toekomstig wereldheerser hem losmaken. Alexander de Grote zou bij zijn komst in Gordium (334 v.C.) de knoop hebben doorgehakt of losgemaakt door de stang die door juk en disselboom liep en met de band was omwonden, eruit te trekken. ‘De gordiaanse knoopdoorhakken’ heeft dan ook thans de betekenis: een probleem door een kloek besluit op simpele wijze oplossen.

*

zondag 23 maart 2008

Ik timmer aan de weg

Ja, ik timmer aan de weg.
Het heeft te maken met mijn projecten.
Ik heb een paar websites, zoals die over voeding en gezondheid, ik heb die website al heel lang en ik ben nu bezig om alle teksten te herzien.
Ik vind het erg leuk als de ontwikkelingen gevolgd worden, door jou, die dit nu leest.
Ik vind het ook erg leuk als er commentaar op komt, als er gereageerd wordt, want je kunt op deze blog reageren, maar ook op "een leven lang gezond" (zie de link) een topic plaatsen op het forum, of gewoon een e-mail schrijven, dat kan ook natuurlijk.

Tot lezens, namasté,
Philologia
*
Alles zelf doen is optellen. Samenwerken is vermenigvuldigen.
(- E.Th. Fentener van Vlissingen)

Karel

Het was een mooie zomer, zoals alle zomers als ik er aan terugdenk. Ik was toevallig een zomer veel thuis en dat was ook al heerlijk. Ik zie een blauwe lucht en groene velden en allemaal bomen, slootjes en madeliefjes. Ik zie mezelf met stokken gooien en tennisballen, want ik had Aïda toen, mijn Duitse herdershond. De kinderen in de buurt kwamen altijd aanbellen om te spelen met mijn kids, maar ook om gewonde en zieke dieren bij me te brengen en dan moest ik een oplossing verzinnen. Zo heb ik eens een muisje dood moeten maken, omdat die al helemaal uit elkaar lag, doordat een kat hem gebeten had. Vreselijk was het, maar ja het moest. Op de school van mijn kids hielp ik als ouderraadlid, leesmoeder, en voor allerlei andere hand- en spandiensten was ik ook altijd te vinden. Ik “ging“ een poosje met meester Henk, de liefste meester van de school. Henk had ook een hond, Vodje, een schat van een bouvier. Op een dag kwam Henk naar mijn huis, hij had een vogel in een kooitje bij zich. De vogel was in het park gevonden, zwaar geblesseerd. Op school kon hij de vogel niet houden, het was een kauwtje, nog niet zo heel oud trouwens, zo te zien. Henk vroeg of de kauw bij mij kon herstellen, omdat ik een tuin had. Er werd gezorgd voor een grotere kooi, een papegaaienkooi. En het geheel werd in de tuin op tafel gezet. Uit de wind en uit de zon. In de dierenwinkel heb ik maden en wormen gehaald, en ander vogelvoer. Karel, zoals het kauwtje heb genoemd, knapte heel snel op, hij was oersterk zo te merken. En hij hechtte heel snel aan mij en ik ook aan hem. De kooi liet ik open vanaf dat hij al aardig geheeld was, zodat hij zelf uit de kooi kon gaan en wegvliegen als hij dat wilde. Wanneer ik zijn kooi verschoonde of hem voerde deed hij me niets. Een kauw is nogal intelligent en ondanks dat het best agressieve vogels zijn, had deze goed door dat ik geen kwaad in de zin had, en zo werden we echt vriendjes. Op een ochtend vond ik de kooi inderdaad leeg. De vogel was gevlogen, het gaf me een snik in mijn hart, maar ik wist dat het het beste was. Het was weer zo heerlijk zonnige zomerdag en zoals gewoonlijk liep ik graag in het park met mijn hond Aïda. Plotseling hoorde ik het geluid van een kauwtje, tsjak-tsjak, en hij fladderde om me heen, voorzichtig kwam hij dichterbij gevlogen en hij ging op mijn schouder zitten. Vanaf dat moment deed hij dat steeds als ik in het park wandelde of de kinderen naar school bracht, ik vond het echt leuk en ik had er nogal wat bekijks mee. Ik werd natuurlijk al vergeleken met een heks. Ook als ik met de fiets was, kwam Karel er aan gevlogen en dan ging hij op het stuur zitten, ik moest dan wel voorzichtiger fietsen, maar het was wel erg leuk, dat vogelvriendje. Elke dag kwam hij me wormen brengen die hij speciaal voor mij had gevonden, ook lepeltjes en dubbeltjes (die waren er toen nog) bracht hij bij me en die legde hij op het muurtje naast de tuin. De wormen hing hij aan de spijlen van zijn kooi. Ik hoefde geen eten meer voor hem te kopen, daar zorgde hij zelf voor. Maar van de meegebrachte wormen heb ik niet gesnoept, die hingen daar te drogen in de zon. Karel wist niet dat ik ze niet lustte. Maar hij leek het me ook niet kwalijk te nemen. Ik draaide in die tijd veel de muziek van Dire Straits, Brothers in arms, en altijd als ik dat nummer liet horen kwam Karel er aan gevlogen. Later zelfs als ik het floot. Karel had een vriendje met wie hij de buurt onveilig maakte, dat was een zwart-witte specht, ik zag ze vaak samen. Maar naar mij toe kwam Karel altijd alleen. Op een avond, ik had de tuindeur en de gordijnen al dicht, hoorde ik gefladder en lawaai tegen de tuindeur. Ik deed open en Karel vloog tegen me aan en klampte zich aan mijn kleren vast, hij bloedde hevig en was blijkbaar aan zijn vleugel en schouder geblesseerd. Ik pakte zijn kooi en heb die in de kamer gezet, de katten moesten even uit de kamer, deur achter hen dicht. Aïda deed niets, die was Karel gewend, Aïda was alle dieren gewend, de schat. Ik pakte handdoeken en legde Karel daarop, met lauw water heb ik hem een beetje gewassen, en gezocht naar zijn verwondingen. Achteraf viel het nogal mee, maar hij kon toch niet echt goed vliegen. Dus weer mocht hij bij me revalideren. In de buurt was Karel al erg bekend, beroemd en berucht. De collega-moeders hingen de was weleens buiten en Karel ging altijd op de wasrekken zitten en kneep de knijpers dan open, waardoor de was op de grond viel, de ondeugd. De moeders kwamen bij mij klagen. Op zondag als de buren in de omgeving visite kregen en lekker in de tuin wilden zitten, met een kopje koffie en taart of andere versnaperingen, dan kwam nieuwsgierige Karel er ook aan, hij was voor niets of niemand bang en een geweldige entertainer. Iedereen zei dat Karel van mij was. Ik sprak dat tegen, ik vond niet dat hij van iemand was, maar dat ik hem alleen maar had opgelapt. Maar Karel was een vrijbuiter en sprong op de tuintafels en jatte de lekkere dingen, hij gooide de kopjes om en pikte de lepeltjes. Ik weet dat hij, omdat hij zo grappig is, gelokt werd met lekkers, hij kon er dus ook echt niks aan doen, dat hij voor de omgeving steeds vervelender werd. Ik moest dus echt een oplossing verzinnen, want omdat hij nergens bang voor was, liep hij ook veel op de grond te huppen (weleens een kraai zien lopen, dat is zo grappig!!!). Hij zou zo aangevallen kunnen worden door katten en honden, wat waarschijnlijk ook al gebeurd was, omdat hij weer gewond was. In Rotterdam Zuid was een vogelklas van Karel Schot waar iemand me over vertelde en ik heb toen daarnaar gebeld. Ik kon Karel komen brengen, hij zou dan eerst in een klasje komen, waar hij weer aan andere vogels moest wennen, dan kon hij naar een klas (en de klas is natuurlijk een geweldig grote kooi, of volière) waar hij ook zelf voor zijn eten moest leren zorgen, en als laatste zou hij uitgezet worden in Rockanje, in de vrije natuur, weer verwilderd, want bij mij was hij toch voor een groot deel tam geworden. Dus dat heb ik gedaan. Vanmiddag kwam ik thuis en ik hoorde aan de overkant van mijn huis de kauwtjes tegen elkaar lawaaien, het geluid is me nog altijd even lief, omdat het me aan Karel doet denken, elke keer weer, en aan de mooie zomers toen. Karel zal allang niet meer leven, een kauwtje wordt ongeveer 10 jaar, maar nog altijd zou ik willen dat een kauwtje op mijn schouder komt zitten.

www.vogelklas.nl
http://nl.wikipedia.org/wiki/Kauw

Loslaten betekent niet laten vallen, maar iemand de kans geven om op eigen benen te staan.
*

Armoede 2


Ik werk sinds december 2006 via WVS bij Woonbron Dordrecht. Ik ben daar eerst ingezet bij de klantenservice/balie. Er was structurele onderbezetting door zwangerschapsverlof. Men zocht naar een permanente kracht en ter overbrugging werd ik aangesteld. Eerst voor een maand, dat werden twee maanden en ten slotte zou ik in ieder geval blijven tot eind mei 2007. Aldus geschiede. Ik heb aan de balie erg veel geleerd over de vestiging van Woonbron in Dordrecht. Al mijn kennis en ervaring van voorheen kon ik toepassen, (ik heb ervaring in de makelaardij als binnendienstmedewerker, hoofd verhuur, klantadviseur bij Nuon, management-assistente van diverse profit en non-profit bedrijven) bij mijn duik in de diepte van een wooncorporatie die oorspronkelijk een gemeentelijke sociale woningbouwvereniging was. Ik hou van de contacten met mensen, of dat nou aan de andere kant van de balie, van een tafel, of informeel bij een lekker etentje is. Het waren af en toe hoge golven, maar ook weleens kabbelende golfjes daar bij de confrontaties met de huurders aan de balie. Toch is de balie niet echt de plek voor mij. Dus ik stak mijn licht op, hield ogen en oren (en mind) open.
Intern werd er een Fte geformeerd, omdat de afdeling huurincasso met een pilot zou gaan beginnen, om huurachterstanden terug te dringen en woningontruimingen te voorkomen. Ik heb mijn diensten aangeboden en heb deze functie mogen invullen, dat was op 1 juni 2007. De werkzaamheden van de vaste medewerkers werden verdeeld, en een deel kwam op mijn bordje, of bureautje, terecht. Door deze verdeling werd de tijdsruimte gecreëerd om huisbezoeken te gaan afleggen en meer tijd te steken in een dossier van een huurder.
Vol enthousiasme vertelde ik tijdens de vakgroepbijeenkomst van WVS Consulting. dat 12 maart 2008 een convenant is ondertekend door de directeuren van Woonbron Dordrecht en Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) voor een samenwerking om problematisch huurachterstanden sneller te signaleren en de huurders daarvan door te verwijzen naar de SDD. Ik ben persoonlijk blij met deze ontwikkeling, met dit convenant en mijn positie daarin. Ik ben van mening dat een dak boven je hoofd een primaire levensbehoefte is. En hoewel ik wel inzie dat er altijd mensen zullen zijn die misbruik van de sociale voorzieningen maken, zullen de welwillenden niet moeten lijden onder de nietwillenden. Want doordat wij op huisbezoek gaan samen met iemand van Sociaal Beheer, bij iemand van wie we een huurachterstand constateren die ongewoon is, leren we de huurders kennen, en omdat we op hun eigen terrein komen, zijn ze sneller bereid om eventueel andere problemen te vertellen, waardoor de combinatie van een huurachterstand met een sociaal of psychisch probleem boven water komt en er doorverwezen kan worden naar hulpverlenende instanties. Het is inmiddels gebleken, dat er al ontruimingen zijn voorkomen, en er zijn huurders door andere instanties geholpen, doordat wij ze hebben doorverwezen.
Deze convenanten en samenwerkingsverbanden zijn landelijk waar te nemen, en ik vind het goede ontwikkelingen in de strijd tegen verborgen armoede.
*


Er is niets belangrijker in de wereld dan vrijheid. Vrijheid is het waard om opofferingen voor te doen, het is het waard om er je baan voor te verliezen, het is het waard om er voor in de gevangenis te zitten. Ik ben liever een vrije pauper dan een rijke slaaf. Ik zou liever sterven in bittere armoede met mijn overtuigingen, dan leven in weelde zonder zelfrespect.

-King, Martin Luther

*

dinsdag 18 maart 2008

Projecten

Projecten
Ik werk graag in projecten. Zowel voor mijn werk als thuis, houd ik er van om de dingen in te delen naar onderwerp of noem het “opdracht”.
Ik ben in dienst bij een detacheringsbureau, WVS-consulting, en voor hen ben ik uitgezonden naar Woonbron Dordrecht, de wooncorporatie waar ik nu dagelijks mijn werkzaamheden uitvoer.
In mijn privé deel ik vaak mijn onderwerpen van belangstelling ook in projecten in. Zo wil ik naar Indonesië, dit jaar of begin volgend jaar, en de voorbereidingen daarvoor en alles uitzoeken en er naar toe leven, is een project, dat is dus het project Indonesië. Indonesië heeft mijn belangstelling omdat mijn moeder daar is geboren, misschien zie ik gebieden terug waar mijn moeder is opgegroeid, ik heb er zelfs nog wel familie, die ik nooit spreek of die ik helemaal niet ken.
Ik heb nog wel een project en dat is een project dat een hele lange periode kan bestrijken, namelijk het beoordelen van films, gewoon voor mijn hobby. Ik schrijf zelf recensies voor de films die ik heb gezien. Ik geef ze ook een beoordeling, een cijfer. Dit project deel ik een beetje met een vriendin van me, we zijn hier samen aan begonnen. Ik wil het best ook met anderen delen. De film “As it is in heaven” is een van de films die ik beoordeeld heb in dit project.
Nog een project is armoedebestrijding. Dit is ook zoiets dat heel mijn ziel en zaligheid kan krijgen en dat heel lang kan duren. Ik doe onderzoek, ik lees er heel veel over, ik schrijf politieke vooraanstaanden aan, ik participeer in een gemeentelijk proces, bijvoorbeeld De Voedselbank als vrijwilliger. Ik heb me hier voor opgegeven. Ik wil me gaan aansluiten bij een politieke partij.

Iets wat nooit een project kan zijn, heeft betrekking op mensen, op een mens. Mensen hebben mijn onverdeelde aandacht, ik hou van mensen, ik vind hen interessant, meer nog dan welk project ook, kan ik me totaal verdiepen in een mens en wil ik soms veel of alles van iemand weten. Vraag ik dingen en hoop ik dat er respons komt, omdat ik dan hoop dat ze mij ook willen leren kennen.
Het is nooit mijn vooropgezette idee om met een mens te leren of van een mens te leren, maar onwillekeurig zal dat zo gaan. Wat ik dan hoop is dat het ongedwongen gaat, in vrolijkheid, en harmonie, dat de ander en ik, lachend samen optrekken en verder trekken in ons leven, een stukje samen oplopend, genietend van de zon en de omgeving, maar nooit met een reden, nooit om iets.
Ik hou van mensen, ik hou van jou en jou en jou. Gewoon om wie je bent, om wat je doet en wat je gaat doen. Ik hou er van je aan te kijken en dat we dan soms al genoeg gezegd hebben. En ik hou er van om aan je lippen te hangen als je vertelt.
Nee, je zult nooit een project zijn. Maar omdat je nu niet bij me bent, heb ik dit geschreven, want ook dit blog is een project.
*

maandag 17 maart 2008

Over bewust ZIJN

Over bewustzijn. Er is al veel over gezegd.
Heel veel dingen doen we allemaal vanuit een onbewust iets, met andere woorden (en “correct me if i’m wrong”) zonder er bij na te denken. Maar zoals ik al eens eerder hebt gezegd is het zo belangrijk dat we de dingen alleen nog maar vanuit ons bewuste doen.


Art of life by Consciousness. Het is een hele zin. De kunst van leven door bewustzijn. En ik zal dit stukje altijd blijven benadrukken. De bedoeling is om met totale toewijding in het leven te staan. In de komende tijd zal duidelijk worden wat er allemaal aan de orde kan komen om een mooi geheel te maken, om daardoor meer bewust te zijn.

De huidige West-Europese cultuur vraagt van degenen onder ons, die bewust willen leven, zoveel, dat je vroeg of laat, al of niet bewust, tot je schrik moeten constate­ren dat je het tempo niet kunt bijhouden. Dat je aan de eisen tracht te voldoen, maar dat dat eigenlijk tegen je gevoel indruist. Dat je jezelf hebt vastgezet door je manier van leven, en je dus de dingen in je leven niet kunt doen, zoals je dit zou willen, vanuit een zuiver innerlijk "weten". Vaak voel je al tijden dat je op de een of andere manier bent vastgelo­pen, dat een gevoel van onvrede met je­zelf en je omgeving meer en meer de overhand krijgt. We willen hier niet bij stilstaan, maar telkens weer, bij het trachten te voldoen aan de eisen van de maatschappij, voelen we dat DIT het niet is. We gaan maar door met te doen, wat we denken dat we moeten doen. We gaan maar door met de dingen doen, die anderen van ons verwachten. We gaan maar door, vooral met flink zijn en als we ons dan, soms, te kort gedaan voelen, worden we boos, agressief. We denken agressief, we proberen voor ons zelf op te komen, op een manier die we ons in de loop van de tijd aangeleerd hebben, maar waarmee we mensen kunnen afstoten. Die daardoor dan ook weer dit zelfde gevoel krijgen en voor zichzelf op willen komen. Zo houden we een gedrag in stand naar elkaar toe, dat ontaardt in een negatieve spiraal, waar de gehele sociale maatschappij aan ten onder dreigt te gaan. Zo ontstaan oorlogen en burenruzies, zo verzanden de beste vriendschappen, veranderen de meest liefdevolle partnerrelaties in een woordeloos naast elkaar leven, of in een uit elkaar gaan.

Ik heb dat ook gedaan, hoewel ik het probeer te vermijden. Ik probeer bewust te leven, bewust te zijn van hoe ik tegenover een andere mens sta, of tegenover situaties waarin ik geraak. Via deze weblog wil ik aangeven, duidelijk maken, hoe we met ons allen bewust kunnen leven, hoe conflicten daardoor misschien voorkomen kunnen worden, hoe we gelukkiger met onszelf en anderen en alles wat leeft kunnen omgaan, omdat voor alles geldt: Wat u niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet.
*

Omweg

Nee het zal toch weer via een omweg moeten. Overigens sta ik wat dat betreft voor de zoveelste keer op dat punt. Ik zie het niet als terug bij af, maar feit is dat ik een paar verkeerde paadjes in mijn leven heb gevolgd, waardoor ik telkens weer bij dat ene kruispunt uitkom. Op al die paadjes leer ik dan weer van alles, maar iets maakt dat ik weer een nieuwe weg moet kiezen. En ik kijk op mijn kruispunt in het rond, en zit me af te vragen of ik alle paadjes al ben ingeslagen, en zo niet welke moet ik dan nu volgen?? 13-10-06

dinsdag 11 maart 2008

maandag 10 maart 2008

Met mijn mond vol tanden


Toen ik nog in Driel (Arnhem) woonde, was er een lastige pijnlijke kies, dus ik maakte een afspraak daar met de plaatselijke tandarts. Het was een vrolijke ontmoeting, want als ik iets eng vind, dan wil ik nog weleens grappig en gevat worden, (ook in andere situaties die niet eng zijn natuurlijk). Of ik mezelf dan overschreeuw, nee, dat denk ik niet. Het is meer een houding geven, want ik weet dat als ik me er vervelend over ga voelen, zoals een tandartsbezoek, dan maak ik het mezelf alleen maar moeilijker, dus als ik vrolijk doe dan weet ik dat ik bepaalde prettige reacties terug krijg en toch ook lekker mijn aandacht. Tjeeees, wat een bekentenis weer en bewustzijn hè!!!
Maar in ieder geval was het bezoek daardoor wel heel gezellig.
De kies had een zenuwbehandeling nodig, ik niet, of misschien naderhand bijna wel. Dat is werkelijk een hele operatie, zo’n zenuwbehandeling. Eerst wordt alles eruit geboord en gebikt en geslepen, wat er niet hoort, omdat het niet meer goed is. En dan wordt het vreselijk steriel gemaakt en vervolgens gaan er stiftjes in die de zenuw vervangen, die kies weet daarna dus niet meer dat ie bestaat, geeft niets, ik weet het wel. De hele plek waar de wortel met de zenuw heeft gezeten wordt opgevuld met van die stiftjes, heel veel hele kleine stiftjes van een bepaald spulletje, die zich, denk ik, vormen naar de plek waar ze met zijn allen in gepropt – in het nette dan – worden.
Daarna maakt de tandarts de kies dicht met een noodvulling, die na een paar weken, vervangen dient te worden door een permanente vulling. Ik heb begrepen dat de noodvulling er toe dient om makkelijker te verwijderen, als er onverhoopt toch weer of nog een ontsteking blijkt te zijn. Het dient om te controleren.
Door de omstandigheden en verhuizing is die vulling nooit meer vervangen, tot vanmorgen, want ik heb toch maar weer een tandarts gezocht en gevonden, maar dan hier in Rotterdam.
Nou kwaliteit hoor, dat wel. Een knappe vrouwelijke tandarts, ongeveer de leeftijd van mijn eigen kids, zo schat ik en zeer kundig.
Heel dom heb ik twee afspraken op een dag gemaakt, eerst de mondhygiëniste, en daarna de tandarts voor die vulling, bij elkaar was ik anderhalf uur op de stoel. Ik had kramp en spierpijn in mijn kaken gekregen, en alle tanden en kiezen voelen beurs aan omdat overal geprikt en gekrikt is. Nu, ik heb het geweten. Mijn mond doet nu nog pijn en het is al bijna einde van de dag.
De mondhygiëniste, Djoran, heeft me danig laten schrikken. Ze ging eerst van alles over de tanden uitleggen, over tandplaque en de bacteriën, wat er gebeurt met poetsen en dat je onmogelijk alle tandplaque weg kunt poetsen, dus hoe goed ik ook zou poetsen, er zal altijd toch tandplaque achter blijven. Nou wil het toeval, zo dat al bestaat, dat ik begin november weer eens gestopt ben met roken, en daar was Djoran erg blij mee. Want door roken verdoof je je tandvlees en weet je minder goed dat of als je tandvlees ontstoken is en toch is juist ook door roken het tandvlees eerder ontstoken want die rotzooi van een sigaret gaat natuurlijk ook op plekken zitten waar ik met mijn goeie gedrag helemaal niet bij kan komen. Helaas was dus bij mij al aardig wat leed geleden, ook zonder dat ik het wist. Ze vertelde van de pockets en de diepte van de pockets, en als het dieper was, dat daar dus alle ontstekingshaarden zaten. Je begrijpt, aangezien mijn mond nu zo gevoelig en pijnlijk is, dat ik heel wat ontstekingshaarden heb zitten.
Gezien de niet nader aan te duiden respectabele leeftijd, heb ik voorzichtig gevraagd of de renovatie van het bouwwerk in mijn mond, de moeite (en de pijn dacht ik er bij) wel waard is, en er werd enthousiast en instemmend ja geknikt. Het zou ook door het tarief kunnen zijn, hoewel ik denk dat alles verwijderen en opnieuw opbouwen duurder zal zijn, en zelfs ook gemakkelijker. Dus ik heb samen met de tandartsenpraktijk gekozen voor de moeilijke weg, zoals gewoonlijk de moeilijke weg, maar nu hoef ik hem niet alleen te gaan. Ik krijg een begroting van het behandelplan thuis gestuurd en mag dit voorleggen aan mijn ziektenkostenverzekering. Voorlopig betekent dat dus nog een paar bezoeken aan de tandartsenpraktijk. En nu ga ik een soepje eten, want kauwen gaat nog niet.